Try a little tenderness

Het zijn de laatste seconden van Otis’ ‘Try a little tenderness’.

Het nummer loopt af, maar Otis is nog niet uitgesproken en hij brabbelt door.

Wij krijgen de rest van zijn bericht aan ons niet meer mee. Zijn advies, want dat is heel die plaat. Een advies aan ons hoe te zorgen voor een ander.

Logisch toch, dat hij eigenlijk niet uitgesproken raakt.

Het is precies dat gebrabbel wat mijn aandacht trekt, wat mij doet willen doorvragen, wat mij doet willen luisteren.

Het is iets psychologisch. Aan beide kanten van het gesprek wel.

Als mens kun je er niet tegen als iets niet af is. Als het niet af is, dan vul je het zelf wel in. En dat gebrabbel, dat gebrabbel is omdat je het voor jezelf wilt afmaken.

De ander hoeft het alleen niet meteen te weten.

In gebrabbel zit oprechtheid, maar het meest nog angst. De angst dat hetgeen wat je nog te zeggen hebt verkeerd valt en, nog erger, gehoord wordt.

In gebrabbel uit je nog weleens wat je het liefst wil.

Bij mij zit er nog meer angst in vertellen wat ik het liefst wil. Als ik zou vertellen wat ik het liefst wil dan zou de vraag waarom ik me daar dan niet mee bezig houd vanzelf.

Ik heb daar geen antwoord op. Dat is raar; ik heb alles een antwoord. Als het niet verbaal is, dan wel onbedwongen mimiek.

Hoewel met woorden ben ik afentoe ook nog eens ongewenst oprecht.

In woorden kan ik me totaal verliezen. Ik ontleed ze weleens tot het punt dat ze niets meer betekenen of juist te veel. Dat ze te veel gaan betekenen is lastig. Het weegt zo zwaar. Toch, ze zijn mijn sterkste vorm van inspiratie. Inspiratie opdoen maakt dat je nadenkt over de dingen, de woorden, hun betekenis en wat je er mee kan. In die zin is inspiratie altijd aanwezig, want ik ben onderhevig aan woorden, de hele dag.

Aan inspiratie heb ik genoeg, de boodschap is daar; het zijn de eerste minuten van Otis’ ‘Try a little tenderness’.

Het zijn de laatste seconden van Otis’ ‘Try a little tenderness’.

Het is het gebrabbel. De onuitgesproken woorden, die niet weggeven wat je echt wil. Het heimelijke van aspiratie. Niet het weten wat kan, maar het weten wat je wil.

En dat durven uit te spreken.

Gepubliceerd op
Gecategoriseerd als Perspectief.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.